|
In de schaduw van de oorlog
Een Barlaeaan die WO II wel heel bewust beleefd heeft
Rob van Schaik (1927) heeft zichzelf voor zijn tachtigste verjaardag
een heel uitzonderlijk cadeau gegeven: een autobiografisch verhaal
over de oorlogsjaren zoals hij die in een "gemengd gehuwd"
gezin heeft meebeleefd. Het boek is van een onthutsende precisie
en gedetailleerdheid; daarbij bovendien stilistisch heel verzorgd,
wat voor een zoon van romancière Jeanne van Schaik-Willing
niet hoeft te verwonderen. In de inleiding zet hij uiteen dat zijn
boek de vrucht is van een haast obsessieve 'onthoudzucht'. Als een
kind van tien heeft de schrijver zich al voorgenomen zich alle mogelijke
daagse dingen blijvend te herinneren. Dat kon hij doen, deels op
grond van een natuurlijk goed geheugen, maar ook omdat hij in kleine
agenda's van alles placht te noteren 'voor later'. Rob van Schaik
zat op het Vossius Gymnasium toen de oorlog uitbrak en maakte daar
dus ook het wegsturen van de joodse leerlingen mee. Onder meer uit
onvrede over de koele manier waarop de schoolleiding op deze maatregel
van de bezetters reageerde, heeft hij de laatste vier schooljaren
op het Barlaeus doorgebracht. Voor (oud-)barlaeanen bevat met name
het vijfde hoofdstuk over de school in oorlogstijd een schat aan
informatie; heel veel bekende namen passeren de revue: de aardrijkskunde-leraar
Brummelkamp die in de oorlog toen men geen verre reizen kon maken,
de GRV (de Gymnasium Reis Vereniging) oprichtte, waarmee de leerlingen
in jeugdherbergen konden gaan logeren; (commentaar van de jonge
Rob van Schaik destijds: hij vond het in die barre tijden helemaal
niet nodig dat er leuke uitstapjes werden gemaakt). Voorts vertelt
hij over de oude uitgeteerde wiskunde-leraar Van Hasselt die onverstoorbaar
les bleef geven 'over cosinus alpha' - terwijl zware Lancaster-vliegtuigen
over de school vlogen voor de voedseldroppings nabij Schiphol tegen
het eind van de oorlog. Ook rector Van Paassen komt uitvoerig ter
sprake, onder meer als censor van Suum Cuique, waaruit hij minder
nette passages (zoals de plaatsaanduiding WC) placht te weren. De
redactie zorgde er overigens zelf voor dat er in de kopij geen politieke
stellingen werden betrokken, want dat zou de onmiddellijke opheffing
van het blad hebben betekend. Verder gedroeg Van Paassen zich in
de ogen van Van Schaik voornamelijk formeel en afstandelijk, al
heeft hij er alle begrip voor dat zijn positie als schoolleider
in die jaren niet te benijden was.
Maar ook markante leraren als Binnendijk, Doornik, mevrouw Bosma,
Van Eijk en Meerwaldt worden - meestal in positieve zin - geportretteerd.
Voor mijzelf was de lectuur van dit boek helemaal een openbaring,
omdat Van Schaik en ik - hoewel hij een jaar of vijf ouder is -
op tal van punten een gemeenschappelijke achtergrond en geschiedenis
delen. Niet alleen was zijn moeder een volle nicht van mijn vader,
maar de gezinnen waren allebei 'gemengd gehuwd' zodat de kinderen
als 'halve joden' geen ster hoefden te dragen. Wij kenden elkaar
ook van oudsher en onze families kwamen zowel voor als na de oorlog
elkaar regelmatig tegen in het culturele uitgaansleven dat toen
nog - veel meer dan nu - rond het Leidseplein geconcentreerd was,
terwijl 'les beaux esprits' elkaar in het café Américain
plachten te ontmoeten.
Op dat punt van de toen nog bloeiende standenmaatschappij merkt
Van Schaik overigens terecht en op grond van trefzekere observaties
op dat het Barlaeus in tegenstelling tot het Vossius Gymnasium -
als school altijd al sociaal zeer open stond en zijn bevolking uit
alle regio's en klassen van de Amsterdamse bevolking betrok. Tegelijkertijd
laat hij zich betrekkelijk schamper uit over de in zijn tijd nog
bloeiende literaire vereniging DVS, waarvoor je 'gevraagd' moest
worden om vervolgens in blauw pak en (uiteraard) met das om gewichtige
avondvergaderingen te mogen bijwonen waar men diepzinnige lezingen
hield en hoogdravende opstellen voorlas en bekritiseerde.
Het zijn deze krachtige persoonlijke standpunten die het boek van
Van Schaik tot veel meer maken dan een zorgvuldig ooggetuigenverslag.
Hans van den Bergh
* Het boek van Rob van Schaik is een privé uitgave. Adres
schrijver: vanschaikR@cs.com
|