|
|
De geschiedenis van Weteringschans 29
Inleiding
|
Al vanaf 1594 zijn in Amsterdam de 'Latijnsche scholen'
bekend, die bij de Oude Kerk op de Oude Zijde en bij de Nieuwe Kerk
op de Nieuwe Zijde hoorden. Deze Latijnse scholen verhuisden een paar
keer, totdat ze in 1678 definitief samen werden gevoegd in een gebouw
aan de Singel. De school, die vanaf 1847 het Gymnasium genoemd zou
worden, had toen ruim 200 leerlingen. Rond 1880 kwamen er problemen
met het gebouw aan de Singel.
De schrijver Aegidius Timmerman zat op het Barlaeus in die tijd. Hij
schreef enkele herinneringen aan deze school op: 'de trappen waren
letterlijk 'uitgehold' door de jongens, de vastgeschroefde banken
waren volgekerfd met namen, jaartallen en formules en overal met langwerpige
vierkante gaten die gebruikt werden om smokkeltjes onderlangs op te
schuiven; lage zolderingen waarin omhoog geworpen penhouders, aan
het eind voorzien van papieren vleugels, gemakkelijk bleven hangen;
kachels met turf en cokes waarin heftig gepookt moest worden door
de Claviger van Helder, een goedige oude man met een deftig soort
baard, lang en wit, en altijd in een net, zwart, gekleed pak.'
De school was duidelijk aan een ander gebouw toe: het aantal leerlingen
was verdubbeld, zodat er veel te weinig ruimte was, en de ventilatie
en verlichting waren erg slecht. |
|
|
|
Daarom werd op 13 mei 1883 besloten dat er een nieuw
gymnasium gebouwd zou worden op een terrein aan de Weteringschans
en de Zieseniskade.Het gebouw werd ontworpen door architect Willem
Springer (1815-1907) en zijn zoon Jan B. Springer (1854-1922). Op
17 maart 1884 werd D. Zuyderhoek gevraagd als aannemer en de bouw
van het nieuwe gymnasium kon beginnen. Na 18 maanden hard werken en
met totale bouwkosten van 146.980 gulden konden in 1885 de eerste
leerlingen het Amsterdamse Gymnasium betreden. |
De buitenkant van het gebouw
De naam kreeg het gymnasium in 1927 toen er door de grote toeloop
van leerlingen een tweede gymnasium werd opgericht. De twee gymnasia
kregen hun namen van de eerste twee hoogleraren van Amsterdam;
het nieuwe gymnasium werd vernoemd naar Vossius en het oude gymnasium
aan de Weteringsschans kreeg zijn naam van Van Baerle. Sindsdien
heet de school Barlaeus Gymnasium.
|
|
|
|
De voormalige hoofdingang heeft aan weerszijden zuilen
en boven de zuilen staat een inscriptie, ook de lijfspreuk van de
school: "DISCIPLINA VITAE SCIPIO", wat betekent: "orde
is de steunstok van het leven".De voorkant van het Barlaeus bestaat
uit drie lagen die gebouwd zijn van natuursteen en baksteen. De voorkant
is in totaal 49.70 meter lang en de ramen zitten op gelijke hoogte. |
De beeldengroep in het midden bovenop het gebouw is
gemaakt door Bart van Hove. Ze bestaat uit drie beelden van vrouwengestalten,
twee op gelijke hoogte en één die op een troon zit en
boven de andere uitsteekt. Deze godin, die de stad Amsterdam voorstelt,
heeft in haar rechterhand een fakkel, en in haar linkerarm heeft ze
de zegetekenen voor de overwinnaars in de strijd.
Op de treden van haar troon liggen olijf- en palmtakken als tekenen
van vrede. De twee lagere beelden (muzen) staan voor studie (links)
en wetenschap (rechts). De godin van de studie kijkt peinzend over
de waarheid voor zich uit, de godin van de wetenschap bladert in een
historisch boek en heeft boekrollen en andere attributen met betrekking
tot de wetenschap bij haar voeten liggen. |
|
|
|
Aan de voeten van deze vrouwen staat een bijenkorf: dit is een
symbolische vergelijking met de school. Leerlingen gaan in en uit
en werken in de korf tot zij op zeker moment de grote, wijde wereld
invliegen..
Aan beide zijden van deze beeldengroep staan de wapens van Amsterdam,
de oude met een koggeschip en een stedekroon, het nieuwe wapen met
de keizerskroon..
|
 |
De overige beelden zijn allemaal gemaakt door Bossche
en Trevels. Op de linkerkant zijn hoofden afgebeeld van beroemde personen
uit de Klassieke Oudheid: Sofocles en Cicero. De hoofden aan de rechterkant
staan voor de Nederlandse letterkunde (Joost van den Vondel) en de
wiskunde en natuurkunde (Christiaan Huygens).
Er zijn ook twee frontons (een gevel die mooi gemaakt is door er een
beeld in/op te plaatsen), in de linker staat een buste van Minerva
Giustiniani en in de rechter staat een buste van Hermes van Praxiteles.
De trofeeën die je op de tweede verdieping ziet, staan voor de
wetenschappen letteren, wiskunde, geschiedenis, aardrijkskunde, natuurkunde,
scheikunde en voor de natuurlijke historie. |
 |
De achterkant
De achterkant van het Barlaeus ligt aan de Zieseniskade en is helemaal gemaakt uit rode baksteen. De achterkant bestond oorspronkelijk uit drie lagen, net als de voorkant. De zijrisalieten (uitstekende stukken) van de voorkant steken ook aan de achterkant uit.
Daarnaast kun je het trappenhuis zien, dat er licht uitspringt. De drie dakkapellen met frontons en voluten (spiraalvormige versiering van Ionische en Corinthische kapitelen) verraden een Franse invloed op de school.
Literatuur " Barlaeus Gymnasium: 100 jaar Weteringschans", Onder
redactie van Joost Kist en Mary Reinshagen 1985, Sijthoff , Amsterdam
|